Core Web Vitals uitgelegd, wat rode scores betekenen

Publicatie

Inhoudsopgave

Actiepunten

  • Open het rapport Core Web Vitals in Search Console en noteer de groepen met de status Slecht.
  • Test je drukst bezochte pagina in PageSpeed Insights op mobiel.
  • Geef elke afbeelding en video op je site een breedte en een hoogte mee.
  • Klik op Bijhouden starten zodra een probleem is opgelost.
Leestype0 min.

Liever uitbesteden?

Technische SEO →

Zie je rode of oranje scores in PageSpeed Insights of Search Console en noemt je webbouwer termen als LCP en CLS? In deze gids lees je in gewone taal wat Core Web Vitals meten, hoe erg een rode score is en wat je als eerste aanpakt.

Wat zijn Core Web Vitals?

Core Web Vitals zijn drie meetwaarden van Google voor de ervaring van echte bezoekers op je website. Ze meten het laden, de interactiviteit en de visuele stabiliteit van een pagina. LCP meet hoe snel je pagina laadt, INP hoe snel ze reageert op een klik of tik en CLS of het scherm stil blijft staan.

Google rekent ze tot de Web Vitals die voor alle webpagina's gelden en die elke site-eigenaar zou moeten meten. Ze komen volgens web.dev terug in alle hulpmiddelen van Google. Daarom zie je dezelfde drie afkortingen in PageSpeed Insights, in Search Console en in het verslag van je webbouwer.

Herken je dit? Je opent een webshop op je telefoon, de pagina blijft even wit en net als je op Bestellen tikt, schuift de knop omlaag. Je tikt per ongeluk op een banner. Precies dat soort ergernis maken Core Web Vitals meetbaar.

Man op de bank tikt net naast de bestelknop, die op zijn telefoon omlaag verschuift

Een rode score is dus vervelend en goed te verhelpen, zodra je weet welke meetwaarde rood kleurt.

Core Web Vitals meten hoe je site voelt voor een echte bezoeker.

LCP, INP en CLS in gewone taal

Achter de drie afkortingen zitten lange Engelse namen. Met een vergelijking uit het dagelijks leven onthoud je ze een stuk makkelijker.

LCP, het grootste element in beeld

LCP staat voor Largest Contentful Paint. Dat is het moment waarop het grootste stuk inhoud bovenaan zichtbaar is, vaak een brede foto of een grote kop. Google gebruikt dit als maat voor het laden van een pagina.

Vergelijk het met een etentje in een restaurant. Het brood vooraf is fijn, je oordeel over de keuken valt pas als het hoofdgerecht op tafel staat. LCP is dat hoofdgerecht.

INP, reageren op een klik of tik

INP staat voor Interaction to Next Paint, de tijd tussen jouw actie en de volgende verandering op het scherm. INP volgt alle klikken, tikken en toetsaanslagen tijdens een bezoek. De eindwaarde is de langste reactie, met de uitschieters erbuiten.

Denk aan de lichtknop in je gang. Druk je erop en blijft het een tel donker, dan druk je nog een keer. Zo voelt een trage knop Toevoegen aan winkelwagen voor je klant.

INP is de opvolger van FID, First Input Delay. FID mat alleen de wachttijd bij de eerste interactie op een pagina. In 2024 werd INP een stabiele Core Web Vital en nam het de plaats van FID in.

CLS, een scherm dat stil blijft staan

CLS staat voor Cumulative Layout Shift, het opgetelde verspringen van de opmaak. CLS meet de grootste reeks onverwachte verschuivingen tijdens de hele levensduur van een pagina.

Je kent het van een tijdschrift in de wind op het strand. Net als je een zin wilt lezen, slaat de bladzijde om. Op een website gebeurt dat als een foto of banner laat inlaadt en de tekst omlaag duwt.

Goed, verbetering nodig of slecht

Elke meetwaarde kent drie zones. Groen staat voor goed, oranje voor verbetering nodig en rood voor slecht. Dit zijn de grenzen die Google op web.dev noemt.

  • LCP is goed als het grootste element binnen 2,5 seconden na de start van het laden verschijnt.
  • INP is goed bij 200 milliseconden of minder, heeft verbetering nodig tot en met 500 milliseconden en is slecht daarboven.
  • CLS is goed bij 0,1 of minder en slecht boven 0,25, met verbetering nodig daartussen.

Ter vergelijking, 200 milliseconden is een vijfde seconde. Het getal bij CLS is een score voor het verspringen, hoe lager hoe rustiger je scherm.

Google meet die grenzen bij het 75e percentiel van de paginaladingen, apart voor mobiel en computer. In gewone taal moeten minstens drie van de vier bezoeken binnen de grens blijven. De trage telefoon van een klant op een camping telt net zo goed mee als jouw snelle kantoorcomputer.

Een pagina slaagt volgens web.dev pas als ze bij dat percentiel voor alle drie de meetwaarden goed scoort. Twee keer groen en één keer oranje is dus nog een herkansing.

Drie van de vier bezoeken moeten groen scoren, op mobiel en op de computer.

Core Web Vitals en SEO

Hoe zwaar wegen deze scores voor je plek in Google? Google Search zegt het zelf. Het raadt site-eigenaren sterk aan om goede Core Web Vitals te halen, voor succes in Zoeken en voor een goede ervaring van bezoekers in het algemeen.

Op dezelfde pagina van Search Central staat dat dit samen met andere aspecten van pagina-ervaring aansluit bij wat de kernrankingsystemen willen belonen. Kernrankingsystemen zijn de systemen die bepalen welke pagina's Google bovenaan zet.

Lees die woorden rustig. Google spreekt over aansluiten bij wat het beloont. Groene scores horen zo bij een goede pagina, naast een helder antwoord op de vraag van je bezoeker.

Een vlotte pagina is bovendien prettig voor iedereen die wil bellen, boeken of bestellen. Wil je meer halen uit de bezoekers die je al hebt, kijk dan bij conversie-optimalisatie.

Groene scores sluiten aan bij wat Google beloont, je inhoud blijft de basis.

Core Web Vitals meten in PageSpeed Insights

PageSpeed Insights is het gratis meetinstrument van Google. Je plakt het adres van een pagina in het zoekveld en krijgt twee soorten cijfers te zien. Dat verschil verklaart veel verwarring.

Velddata van echte bezoekers

Bovenaan staan de velddata, metingen bij echte bezoekers die Chrome gebruiken. Een browser zoals Chrome is het programma waarmee iemand websites bekijkt. PageSpeed Insights toont uit het Chrome User Experience Report de ervaringen van echte gebruikers over de afgelopen 28 dagen.

Heeft één pagina te weinig bezoekers voor een eigen meting, dan valt PageSpeed Insights terug op de data van je hele domein. Je domein is het adres van je hele website. Verander je vandaag iets, dan schuift het effect geleidelijk in beeld, omdat die 28 dagen steeds doorlopen.

Labdata van Lighthouse

Daaronder staan de labdata. Lighthouse, een testprogramma van Google, bekijkt je pagina in een gesimuleerde omgeving. Zie het als een proefrit op een testbaan, met een nagebootste telefoon en een nagebootste verbinding.

De velddata vertellen hoe echte klanten je site ervaren. De labdata helpen je de oorzaak te vinden, omdat je per test ziet welke onderdelen vertragen.

Stel je voor dat het lab rood geeft en de velddata groen. Dan beleven je echte bezoekers een vlotte site en geeft de test vooral tips. Andersom, groen in het lab en rood in het veld, verdient direct aandacht.

Het rapport in Search Console

Search Console is de gratis omgeving waarin Google laat zien hoe je site ervoor staat in Zoeken. Waar PageSpeed Insights één pagina test, kijkt het rapport Core Web Vitals over je hele site.

Het rapport groepeert je pagina's op status, op type meetwaarde en op URL-groep. De statussen heten Slecht, Verbetering nodig en Goed. Een URL-groep is een groep vergelijkbare pagina's, bijvoorbeeld al je productpagina's.

Dat groeperen scheelt veel werk. Delen vijfhonderd productpagina's dezelfde opbouw, dan los je een probleem één keer op in het sjabloon. Het sjabloon is de vaste vorm waarop al die pagina's gebouwd zijn. Heb je een groot assortiment, lees dan ook over SEO voor webshops.

Een oplossing laten valideren

Is een probleem verholpen, dan klik je in het rapport op Bijhouden starten. Google begint dan een controlesessie van 28 dagen. Komt het probleem in die periode bij de URL's van je site nergens meer voor, dan geldt het als opgelost.

Die knop start uitsluitend het bijhouden. Het opnieuw opnemen van je pagina's in Google, indexeren genoemd, staat daar los van. Geef het dus rustig de volle vier weken.

Valideren is een controle van 28 dagen, geduld hoort erbij.

Wat pak je als eerste aan?

Een lange lijst met rode en oranje meldingen voelt overweldigend. Met een vaste volgorde houd je overzicht. Google raadt in de Search Console Help zelf aan om eerst de problemen met het label Slecht op te lossen.

Stap 1. Begin bij de status Slecht

Open in Search Console het rapport Core Web Vitals en kies de groepen met de status Slecht. Werk zoals de EHBO-post bij een voetbaltoernooi, de zwaarste gevallen gaan voor.

Stap 2. Kies je drukst bezochte pagina's

Leg die groepen naast je populairste pagina's. Je homepage, je bestverkochte producten en de dienstpagina met de meeste aanvragen gaan voor. Een verbetering daar merkt het grootste aantal bezoekers.

Stap 3. Werk mobiel eerst

Google beoordeelt mobiel en computer apart. Kies eerst de mobiele scores. Je klant bekijkt je site net zo goed op de bank, in de wachtkamer of langs de lijn bij een wedstrijd.

Stap 4. Eén meetwaarde per keer

Pak per URL-groep één meetwaarde tegelijk aan. Zo zie je straks in de velddata welke ingreep het verschil maakte. Daarna volgt de volgende groep.

LCP verbeteren

Bij LCP draait alles om het grootste element bovenaan, vaak een brede foto of een grote kop. Google noemt op web.dev vier stappen om dat element sneller in beeld te krijgen.

  1. Laat het belangrijkste beeld zo vroeg mogelijk beginnen met laden.
  2. Zorg dat dat beeld direct verschijnt zodra het binnen is.
  3. Maak de laadtijd van dat beeld zo kort als kan, met behoud van kwaliteit.
  4. Lever de eerste HTML, de basis van je pagina, zo snel mogelijk af.

In gewone taal draait stap 1 om voorrang. De browser moet weten dat dit beeld als eerste binnen moet komen. Stap 3 komt vaak neer op een kleinere afbeelding die er even scherp uitziet.

Stap 4 gaat over je server, de computer waarop je website draait. Reageert die traag, dan wacht de hele pagina, inclusief je grootste element. Vraag je webbouwer welk element op jouw belangrijkste pagina's de LCP bepaalt.

INP verbeteren

INP gaat over wat er gebeurt na een klik. Is de browser druk met ander werk, dan staat jouw klik in de wachtrij. Je bezoeker ziet dan een scherm dat even stilstaat.

Google wijst op web.dev bij INP op twee handleidingen, lange taken optimaliseren en de invoervertraging optimaliseren. Een lange taak is een flink stuk werk dat de browser in één keer afmaakt. De invoervertraging is de tijd tussen je tik en het moment waarop de browser eraan begint.

Denk bij dat werk aan JavaScript, de programmeertaal die menu's, sliders, pop-ups en chatvensters laat werken. Elk extra script vraagt rekenwerk van de browser. Een pagina vol losse snufjes voelt daardoor stroef aan.

Vraag je webbouwer welke scripts echt iets opleveren. Wat weg mag, haal je weg. Wat moet blijven, laadt bij voorkeur later, als de pagina al bruikbaar is. Twijfel je over wat er weg kan, lees dan welke zaken je van je website kunt schrappen.

CLS verbeteren

Bij CLS draait het om ruimte. De browser bouwt je pagina op terwijl de onderdelen binnenkomen. Weet hij vooraf hoe groot een foto wordt, dan houdt hij die plek alvast vrij.

Google is daar op web.dev duidelijk over. Geef afbeeldingen en video's altijd een breedte en een hoogte mee. Dan staat je tekst vanaf het eerste moment op de goede plek.

Google noemt op web.dev nog meer oorzaken van verspringen.

  • Advertenties laden laat in en duwen de inhoud omlaag.
  • Embeds, zoals een ingesloten video of kaart van een andere website, krijgen pas later hun maat.
  • Inhoud komt later binnen, zoals een actiebalk bovenaan de pagina.
  • Webfonts, lettertypen die apart inladen, laten de tekst verspringen zodra ze binnen zijn.

Voor banners en advertenties werkt het als een café met een bordje Gereserveerd op tafel. Je houdt de plek vrij, ook als de gast nog onderweg is. Komt de banner binnen, dan blijft al het andere gewoon staan.

Een vaste plek voor elk blok houdt je scherm rustig.

Hulp bij Core Web Vitals verbeteren

Sommige verbeteringen doe je zelf, zoals foto's verkleinen voordat je ze op je site zet. Andere zitten diep in het sjabloon, de server of de scripts. Dan helpt het als iemand de hele keten overziet.

Ons team pakt snelheid en Core Web Vitals op als één onderdeel van technische SEO. Per URL-groep zoekt het team de oorzaak, voert het de reparatie door en volgt het de velddata tot de status op Goed staat.

Een groene site blijft groen met vaste aandacht. Nieuwe foto's, een extra script of een andere banner kunnen de scores weer laten zakken. Vast website onderhoud houdt die ontwikkeling in de gaten.

Wil je eerst een volledig beeld van je site? Een SEO-audit brengt alle knelpunten in kaart. Plan gerust een gesprek met Dominic om je rode scores samen door te lopen. Hij is je vaste contactpersoon en vertaalt elke afkorting in gewone taal.

Veelgestelde vragen over Core Web Vitals (FAQ)

Wat zijn Core Web Vitals?

Drie meetwaarden van Google voor de ervaring van echte bezoekers. LCP meet het laden, INP het reageren op een klik of tik en CLS het verspringen van de opmaak. Volgens web.dev gelden ze voor alle webpagina's.

Wat betekenen LCP, INP en CLS?

LCP staat voor Largest Contentful Paint, het moment waarop het grootste element in beeld staat. INP staat voor Interaction to Next Paint, de reactietijd na een klik. CLS staat voor Cumulative Layout Shift, het verspringen van je pagina.

Hoe kan ik Core Web Vitals meten?

Gebruik PageSpeed Insights voor één pagina en het rapport Core Web Vitals in Search Console voor je hele site. PageSpeed Insights toont velddata van echte gebruikers over 28 dagen en labdata van Lighthouse.

Tellen Core Web Vitals mee voor SEO?

Google Search raadt goede Core Web Vitals sterk aan voor succes in Zoeken. Samen met andere aspecten van pagina-ervaring sluit dat aan bij wat de kernrankingsystemen willen belonen. Je inhoud blijft de basis.

Wat moet ik als eerste verbeteren?

Begin bij de status Slecht in Search Console, zoals Google zelf aanraadt. Kies daarbinnen je drukst bezochte pagina's en werk mobiel eerst.

Waarom wijken mijn scores in PageSpeed Insights van elkaar af?

Bovenaan staan velddata van echte bezoekers, daaronder labdata uit een gesimuleerde omgeving. Ze meten dus iets anders. Gebruik de velddata voor je oordeel en de labdata om oorzaken te vinden.

Conclusie

Core Web Vitals meten hoe je site voelt voor echte bezoekers, met LCP voor laden, INP voor reageren en CLS voor verspringen. Google meet bij het 75e percentiel, mobiel en computer apart. Begin bij de status Slecht en je drukste pagina's, mobiel eerst. Los per meetwaarde de oorzaak op en laat Search Console 28 dagen meekijken. Zo kleur je rood stap voor stap groen.

De volgende stap

Zo pakken wij dit samen aan

Ontdek jouw grootste groeikansen met een gratis kansenanalyse (t.w.v. €416,-) — een op maat gemaakt rapport, kosteloos en vrijblijvend.

1Analyse
2Actieplan
3Voorstel
Plan een gesprek
Dominic Pietersz

Over de auteur

Dominic Pietersz

Jouw vaste contactpersoon

Dominic helpt MKB-bedrijven met groei via Google alsook andere kanalen. Met zijn internationale ervaring vertaalt hij uitdagingen in concrete groei.

Volg Dominic op LinkedIn

Inspiratie · Mijn hoofdlamp scheen onder de tl-buizen van de buitensportzaak verblindend fel. Op een donker kampeerveld in de motregen, met koude vingers en een zoekgeraakte tentharing, zag ik hoe goed hij in het echt was.